Moet een verdachte in een strafzaak in een parallel lopende civiele zaak uitgebreid verweer voeren, ook als dat mogelijk zijn procespositie kan schaden?
Tijdens een familiefeest in juli 2020 loopt het uit de hand: verweerder in cassatie (hierna: verweerder) raakt gewond aan zijn knie en beschuldigt eiser in cassatie (hierna: eiser) ervan hem te hebben gestoken.
Parallel aan de strafzaak start verweerder ook een civiele procedure en vordert schadevergoeding. Eiser, inmiddels verdachte in het strafproces, houdt zich in die civiele zaak op de vlakte: hij betwist de beschuldigingen onvoldoende. Zowel de rechtbank als het hof wijzen de vordering toe en oordelen dat eiser de stellingen van verweerder onvoldoende gemotiveerd heeft weersproken. In cassatie betoogt eiser dat hij als ontkennende verdachte in een lopende strafzaak niet verplicht kan worden om in de civiele procedure uitgebreid verweer te voeren, zonder daarmee zijn positie in de strafzaak te schaden.
De Hoge Raad verwerpt dit standpunt. Hij bevestigt de hoofdregel in civiele zaken, zoals vastgelegd in artikel 149 lid 1 Rv: feiten die onvoldoende worden betwist, mogen als vaststaand worden aangenomen. Dit geldt óók als de gedaagde tevens verdachte is in een strafzaak over hetzelfde feitencomplex. Het EVRM staat hieraan niet in de weg, tenzij sprake is van bijzondere omstandigheden. De Hoge Raad benadrukt dat rechters wél rekening kunnen houden met de procespositie van een verdachte, bij de beoordeling of hij de stellingen voldoende heeft betwist. De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bekrachtigt daarmee de eerdere uitspraken van het hof en de rechtbank.
Ook als een strafzaak nog loopt, kunnen verdachten civielrechtelijk worden aangesproken. De rechter mag weliswaar bij de afweging van het partijdebat rekening houden met de procespositie van de verdachte in de strafzaak, maar dit is geen vrijbrief om in de civiele zaak af te wijken van de hoofdregel van artikel 149 Rv: feiten moeten voldoende gemotiveerd worden betwist, anders worden ze als vaststaand aangenomen.
Deze teaser is geschreven door Rosanne Snoek
Om de uitspraak te lezen klik hier.