Wanneer is sprake van een aantasting van de persoon ‘op andere wijze’?
Artikel 6:106 lid 1 onder b BW biedt recht op immateriële schadevergoeding als de benadeelde lichamelijk letsel heeft opgelopen, in zijn eer of goede naam is geschaad óf “op andere wijze” in zijn persoon is aangetast. Vooral die laatste categorie roept in de praktijk regelmatig vragen op. In dit arrest schept de Hoge Raad daarover helderheid.
De Hoge Raad zet het beoordelingskader overzichtelijk uiteen aan de hand van drie categorieën. De eerste categorie betreft gevallen waarin sprake is van objectief vast te stellen geestelijk letsel. De benadeelde zal daarvoor voldoende concrete gegevens moeten aanvoeren, doorgaans in de vorm van een rapportage van een deskundige. Een psychiatrische diagnose is daarbij niet vereist; ook anderszins objectiveerbaar en ernstig geestelijk letsel kan volstaan.
De tweede categorie ziet op gevallen waarin geen objectief vast te stellen geestelijk letsel bestaat, maar de aard en ernst van zowel de normschending als de gevolgen voor de benadeelde toch meebrengen dat sprake is van een aantasting van de persoon. De benadeelde zal dan vooral de gevolgen van de normschending concreet moeten stellen en – bij betwisting – aannemelijk moeten maken.
De derde categorie is voor uitzonderlijke gevallen. Dan zijn de normschending en de voor de hand liggende gevolgen zó ingrijpend dat een aantasting van de persoon zonder meer wordt aangenomen. De Hoge Raad noemt als voorbeelden onder meer gewelddadige verkrachtingen en ernstige woningovervallen. Concrete onderbouwing van de gevolgen is dan niet nodig voor het bestaan van de aanspraak, al blijft deze wel relevant voor de hoogte van de vergoeding.
Het arrest is gewezen in een strafrechtelijke context, waarin deze categorieën regelmatig een rol spelen bij schadevergoedingsvorderingen van slachtoffers. De systematiek is echter ook buiten het strafrecht goed bruikbaar. De Hoge Raad biedt daarmee niet zozeer nieuwe regels, maar wel een welkom overzicht van de verschillende "routes" naar immateriële schadevergoeding en de daarbij behorende eisen aan stellen, betwisten en bewijzen.
Dit arrest is geschreven door Lotte Warendorf
Om de uitspraak te lezen klik hier.