Kan verzekeraar interne en externe onderzoekskosten verhalen op verzekerde en diens klant die niet eerlijk verklaarden over racen op circuit?
Recent heeft de rechtbank Overijssel zich uitgesproken over de vraag of een verzekeraar externe en interne onderzoekskosten mocht terugvorderen van een verzekerde garagehouder en diens klant (ECLI:NL:RBOVE:2025:6122). Beide partijen hadden onjuiste informatie verstrekt over de omstandigheden van een schadegeval.
Een werknemer van verzekerde veroorzaakte schade aan de auto van een klant. De schade werd gemeld op de garagepolis. Onder de garagepolis was uitgesloten schade ontstaan tijdens het rijden of verblijven op een circuit.
Enkele maanden later, in januari 2022, ontving de verzekeraar een anonieme tip dat de auto schade had opgelopen tijdens het racen op het TT Circuit in Assen.
De verzekeraar schakelde daarop een extern onderzoeksbureau in. Zowel de werknemer als de klant werden gehoord. Aanvankelijk verklaarden zij allebei dat de klant niet aanwezig was bij het incident, maar later ā toen zij werden geconfronteerd met een verklaring van iemand die op de bewuste dag eveneens op het circuit aanwezig was ā gaven zij toe dat het ongeval op het circuit had plaatsgevonden en dat de klant erbij was. Voor de verzekeraar was dit aanleiding om ā op grond van fraude ā bijna tienduizend euro aan zowel interne als externe onderzoekskosten terug te vorderen van zowel de eigen verzekerde als van de klant.
De kantonrechter wijst de vordering ten aanzien van de klant af. De klant is geen verzekerde zodat geen beroep kan worden gedaan op de polisvoorwaarden waarin is bepaald dat onderzoekskosten in geval van fraude mogen worden teruggevorderd. Van onrechtmatig matig (artikel 6:162 BW) handelen tegenover de verzekeraar is volgens de kantonrechter evenmin sprake. Dat de klant in eerste instantie niet de waarheid sprak over zijn aanwezigheid, is onvoldoende om aansprakelijkheid aan te nemen; er was geen bewijs dat hij met opzet de verzekeraar wilde benadelen.
Ook de verzekerde werknemer hoeft de externe onderzoekskosten niet te vergoeden. Volgens de rechter was het uitgebreide onderzoek niet redelijk, omdat op het schadeformulier al het adres van het circuit stond. Dat had voor de verzekeraar een duidelijk signaal moeten zijn dat het ongeval mogelijk op een uitgesloten locatie had plaatsgevonden. De vermelding van ābuitenterreinā (in plaats van ācircuitā) maakte dat niet anders: het circuit bevindt zich immers in de buitenlucht. De werknemer heeft ā aldus de kantonrechter ā dus geen misleidende informatie verstrekt.
Wel moet de werknemer de interne onderzoekskosten van ā¬532 en de proceskosten van ruim ā¬1.500 betalen. De rest van de vordering is afgewezen. Of de verzekeraar uiteindelijk nog een schade-uitkering aan de garagehouder heeft gedaan, blijkt niet uit de uitspraak.
Ā
Deze teaser is geschreven door Rosalinde Montulet
Om de uitspraak te lezen klik hier.