Wanneer draait de bestuurder zelf op voor nalatigheid van verplichtingen uit de CAO tegenover uitzendkrachten?
Het gaat in deze zaak om de vraag of de huidige en voormalige (indirect) bestuurders van twee ondernemingen in de uitzendbranche aansprakelijk zijn uit hoofde van onrechtmatige daad tegenover hun uitzendkrachten en tegenover Stichting Naleving CAO voor Uitzendkrachten (SNCU) voor de schade als gevolg van de niet-naleving door deze ondernemingen van hun uit de CAO voor Uitzendkrachten voortvloeiende verplichtingen.
De SNCU heeft vastgesteld dat onderneming X en onderneming Y de CAO voor uitzendkrachten niet correct hadden toegepast. Bij beide ondernemingen ontvingen de werknemers te weinig salaris en werden toeslagen die volgens de CAO verschuldigd waren, niet uitbetaald.
Het hof zet kort uiteen wanneer naast de vennootschap, ook de bestuurders aansprakelijk kunnen zijn. Dat kan als de bestuurder (i) namens de vennootschap heeft gehandeld of (ii) heeft bewerkstelligd of toegelaten dat de vennootschap haar wettelijke of contractuele verplichtingen niet nakomt. In beide gevallen mag in het algemeen alleen dan worden aangenomen dat de bestuurder jegens de schuldeiser van de vennootschap onrechtmatig heeft gehandeld waar hem een voldoende ernstig verwijt kan worden gemaakt.
Volgens SNCU is in het onderhavige geval sprake van een onder (ii) bedoeld geval.
Het hof komt tot de slotsom dat de bestuurders ernstig rekening moesten houden met het feit dat SNCU een vordering op de vennootschap zou hebben en daarvoor dus een voorziening hadden moeten treffen. Anders dan de kantonrechter, komt het hof in het incidenteel hoger beroep tot het oordeel dat ook de bestuurder die ten tijde van het verweten handelen geen statutair bestuurder meer was, toch als feitelijk bestuurder eveneens hoofdelijk aansprakelijk is. Volgens het hof is onmiskenbaar dat deze bestuurder in een dusdanige machtspositie verkeerde dat hij het beleid van ondernemingen en de feitelijke gang van zaken voor wat betreft in ieder geval het onderzoek van SNCU en de naleving van de cao, kon bepalen, ook na zijn aftreden. Het hof bekrachtigt verder het vonnis van de kantonrechter, hetgeen betekent dat alle (indirect) bestuurders hoofdelijk aansprakelijk zijn voor nabetalingen en schadevergoedingen.
Deze teaser is geschreven door Sanne Schauwaert
Om de uitspraak te lezen klik hier.