Plastische vervormingen kwalificeren als materiële schade onder CAR-verzekering
Het gerechtshof Amsterdam heeft recent uitspraak gedaan over de reikwijdte van dekking onder een Construction All Risk-verzekering (CAR-verzekering). Centraal stond de vraag of plastische vervormingen in een staalconstructie kunnen worden aangemerkt als materiële schade in de zin van de polisvoorwaarden (ECLI:NL:GHAMS:2025:2634)
Juridisch kader
Onder de door een aannemingsbedrijf afgesloten doorlopende CAR-verzekering was – zoals gebruikelijk – gedekt:
“alle materiële schade aan en/of verlies van de verzekerde interesten (…), ongeacht of dit is veroorzaakt door de aard of een gebrek van de verzekerde interesten, alsmede vernietiging, dit alles onverschillig hoe ook ontstaan.”
Voor polisdekking geldt dat de verzekerde aannemelijk moet maken dat sprake is van materiële schade gedurende de verzekerde (bouw/onderhouds)termijn.
Indien dat vaststaat, is de schade in beginsel gedekt, tenzij de verzekeraar een toepasselijke uitsluitingsgrond bewijst.
Feitencomplex
Het aannemingsbedrijf vervaardigde dakspanten en kraanbanen voor een montagehal. Circa anderhalf jaar na de verrichte werkzaamheden werd scheurvorming geconstateerd in kraanbanen, dakspanten en andere staalconstructies. In arbitrage werd het aannemingsbedrijf aansprakelijk gehouden voor constructieve gebreken.
Uit expertiserapporten bleek dat de staalconstructie tijdens inhijsen en proefbelasten was blootgesteld aan spanningen boven de vloeigrens, waardoor plastische vervormingen waren opgetreden. Hierdoor werd de constructie gevoelig voor scheurvorming, die na afloop van de verzekeringstermijn is opgetreden.
De verzekeraar stelde dat dergelijke plastische vervormingen niet visueel waarneembaar zijn en naar verkeersopvattingen niet als materiële schade in de zin van de CAR-verzekering kwalificeren. Zodoende zou er geen dekking zijn voor de schade.
Oordeel van het hof
Het hof verwerpt dit standpunt. Zij stelt voorop dat sprake is van materiële schade indien er een objectieve aantasting van de stoffelijke structuur is die naar verkeersopvattingen de stoffelijke gaafheid van de zaak aantast (HR 11 maart 2005, ECLI:NL:HR:2005:AR6163).
Het hof acht bewezen dat door overschrijding van de vloeigrens de kristalstructuur van het staal onomkeerbaar is gewijzigd (van elastisch naar plastisch). Dit vormt, aldus het hof, een objectieve aantasting van de stoffelijke structuur. Daarbij weegt volgens het hof mee dat de constructie door deze wijziging niet meer voldoet aan wettelijke eisen voor constructieve veiligheid.
Belang van de uitspraak
Het arrest verduidelijkt dat ook niet-zichtbare schade, zoals plastische vervormingen, onder CAR-dekking kan vallen indien de structurele integriteit van het materiaal is aangetast.
Deze teaser is geschreven door Rosalinde Montulet
Om de uitspraak te lezen klik hier.