Staat melding eraan in de weg dat verzekering wordt afgesloten?
In deze zaak heeft het hof in een eerder gewezen tussenarrest geoordeeld dat een verzekeraar ten onrechte melding heeft gedaan bij het fraudeloket van het Verbond van Verzekeraars. De verzekeraar in kwestie had die melding gedaan nadat zij had geconcludeerd dat haar verzekerde, die een inboedel- en woonhuisverzekering had afgesloten, betrokken was geweest bij een brand in zijn woning. Ook oordeelde het hof in dat tussenarrest dat de verzekeraar door de onterechte melding onrechtmatig heeft gehandeld.
In dit arrest beoordeelt het hof de schade die de verzekerde stelt door dat onrechtmatige handelen te hebben geleden. Het hof komt tot de slotsom dat geen enkele gevorderde schadepost kan worden toegewezen.
Relevant is dat het hof de verzekerde niet volgt in zijn stelling dat de melding ertoe heeft geleid dat hij geen verzekeringen en (mede daardoor) geen hypotheek kon afsluiten.
De verzekerde vorderde als schade onder meer de bedragen van WAM-boetes die hij opgelegd had gekregen, en een vergoeding voor vervangende hechtenis. Beide waren volgens hem het gevolg van de melding, die ertoe zou hebben geleid dat hij geen motorrijtuigenverzekering meer kon afsluiten. De verzekeraar betwistte die stelling, en wees er in dat kader op dat acceptanten van andere verzekeraars bij het fraudeloket geen informatie over personen kunnen opvragen, en dat het voor de verzekerde mogelijk moet zijn geweest zich bij een andere verzekeraar te verzekeren.
Deze uitspraak laat zien dat een onrechtmatige melding bij het fraudeloket niet zonder meer tot schade hoeft te leiden. En dat verzekerden er goed aan doen zelf te onderzoeken in hoeverre een fraudemaatregel werkelijk in de weg staat aan het afsluiten van een verzekering
Deze teaser is geschreven door Tim Nelissen
Om de uitspraak te lezen klik hier.