Gelet op de ontwikkelingen op het gebied van ZZP zullen wij u regelmatig op de hoogte houden door middel van onze ZZP-update. In deze ZZP-update wordt u bijgepraat over de ontwikkelingen, de impact op uw organisatie en de acties die u dient te nemen.
De Belastingdienst handhaaft op dit moment niet actief op schijnzelfstandigheid. Van schijnzelfstandigheid is sprake wanneer wordt gewerkt op basis van een overeenkomst van opdracht, terwijl feitelijk sprake is van een arbeidsovereenkomst. Onlangs werd bekend dat het handhavingsmoratorium definitief stopt per 1 januari 2025. In dit artikel bespreken wij hoe de handhaving zal worden vormgegeven en wat opdrachtgevers moeten doen ter voorbereiding.
Verbetering van de balans op de arbeidsmarkt langs drie lijnen
De handhaving door de Belastingdienst is onderdeel van een breder pakket aan maatregelen om de balans op de arbeidsmarkt te herstellen. De drie lijnen waarop door het kabinet wordt ingezet zijn als volgt:
- Het creëren van een gelijker speelveld tussen contractvormen.
- Meer duidelijkheid over de vraag wanneer gewerkt wordt als werknemer of als zelfstandige.
- Verbetering van de handhaving op schijnzelfstandigheid.
In het kader van de eerste lijn wordt bijvoorbeeld de zelfstandigenaftrek stapsgewijs verlaagd en is het voornemen om een verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering voor ZZP’ers te introduceren.
In het kader van de tweede lijn wordt gewerkt aan een nieuwe wet (waar wij al eerder over schreven) met daarin een toetsingskader, gebaseerd op bestaande regels en jurisprudentie, waarmee bepaald kan worden of sprake is van een arbeidsovereenkomst. Het voorstel bevat daarnaast een rechtsvermoeden van een arbeidsovereenkomst, wanneer wordt gewerkt voor een tarief van ten hoogste € 33,- per uur. Deze nieuwe arbeidsrechtelijke wetgeving zal naar verwachting in werking treden per 1 januari 2026.
De derde lijn, de fiscale handhaving, zal hier niet op wachten en gaat al per 1 januari 2025 van start. Wij leggen graag uit wat dit betekent.
Wijze van opheffen van het handhavingsmoratorium
Voor de handhaving door de Belastingdienst geldt vanaf 1 januari 2025 dat zal worden gewerkt ‘volgens de normale regels’ voor het opleggen van correctieverplichtingen, naheffingsaanslagen en boetes. Dit betekent dat de opdrachtgever niet meer eerst een aanwijzing zal ontvangen, zoals nu nog wel het geval is. Een aanwijzing is een instructie van de Belastingdienst aan de opdrachtgever om, meestal binnen drie maanden, de arbeidsrelatie aan te passen naar een arbeidsovereenkomst en dit ook als zodanig in de loonaangifte te verwerken.
Omdat rekening wordt gehouden met de periode waarin niet werd gehandhaafd, zal alleen met terugwerkende kracht worden gecorrigeerd tot de datum van de opheffing, te weten 1 januari 2025. Dit is anders als de Belastingdienst vaststelt dat sprake is van kwaadwillendheid bij de opdrachtgever of wanneer een eerder gegeven aanwijzing niet is opgevolgd. Dan kunnen ook naheffingen worden opgelegd voor de periode vóór 1 januari 2025, met een maximum van vijf jaar terug.
Boetebeleid
Er zijn ‘ondersteunde maatregelen’ aangekondigd om het einde van het handhavingsmoratorium te verzachten, zoals een coulant boetebeleid. Zo zal in 2025 nog geen vergrijpboete (maximaal 50% van de verschuldigde belasting) worden opgelegd als kan worden aangetoond dat de organisatie stappen zet tegen schijnzelfstandigheid. Het is daarom van belang hier (tijdig) mee te beginnen.
Modelovereenkomsten
Op dit moment bestaat de mogelijkheid om te werken met een modelovereenkomst van de Belastingdienst, waarmee zekerheid wordt geboden over de kwalificatie. In de praktijk blijkt echter dat deze zekerheid maar van beperkte waarde is. Pas bij een toetsing achteraf, op basis van alle relevante feiten en omstandigheden (en met name hoe in de praktijk is gewerkt), kan worden bepaald of sprake is van een arbeidsovereenkomst. Een duidelijk voorbeeld hiervan is de casus van Deliveroo, waar ook volgens een modelovereenkomst werd gewerkt.
Er wordt daarom gestopt met de modelovereenkomsten. Modelovereenkomsten die al zijn goedgekeurd blijven geldig tot de einddatum. Daarbij is van belang dat deze overeenkomsten alleen zekerheid bieden zolang er daadwerkelijk gewerkt wordt volgens de voorwaarden die in de overeenkomst zijn opgenomen. Dit betekent overigens niet dat wij adviseren onmiddellijk te stoppen met het gebruik van de modelovereenkomsten. Bij het gebruik van de modelovereenkomsten dienen de opdrachtgever en de opdrachtnemer zich alleen wel bewust te zijn van de beperkte waarde van het gebruik. Daarnaast adviseren wij om kritisch tegen het licht te houden of de huidige praktijk nog overeenstemt met de modelovereenkomst.
Tot slot
Nu de handhaving per 1 januari 2025 van start gaat is het voor opdrachtgevers belangrijk om het werken met ZZP’ers kritisch te evalueren. Na deze datum kunnen immers naheffingen worden opgelegd. Daarnaast bestaat het risico op een vergrijpboete als de opdrachtgever niet kan aantonen dat stappen worden gezet tegen schijnzelfstandigheid. Los van de handhaving door de Belastingdienst is nu al de kans aanwezig dat de schijnzelfstandige zelf, een vakbond en/of een pensioenfonds een arbeidsovereenkomst claimt. Dit kan grote (financiële) gevolgen hebben voor uw organisatie.
Onze experts hebben veel ervaring met het beoordelen van arbeidsrelaties en het aandragen van mogelijke oplossingen. Bij dergelijke beoordelingen betrekken wij vaak ook een belastingexpert. Wij komen dan ook graag bij u langs om samen een beoordeling te maken. Wilt u meer informatie of bent u geïnteresseerd? Neem dan contact op met Ruud Schepers of Eylard van Fenema.