Nederland staat er goed voor wat betreft laadinfrastructuur voor elektrische voertuigen, met ruim het dubbele aantal laadpunten per inwoner ten opzichte van het Europese gemiddelde en een landelijk dekkend netwerk van snellaadstations langs de snelwegen. Tegelijkertijd is dat geen reden om gas terug te nemen: elektrisch rijden blijft groeien en de ambitie is emissievrij verkeer en transport. Om dat doel te bereiken, is verdere opschaling van laadinfrastructuur nodig.
Die opschaling is echter niet eenvoudig. Het samenspel van juridische verplichtingen (waaronder het Europese kader voor alternatieve brandstoffen, AFIR), fysieke beperkingen en marktontwikkelingen maakt de uitrol complex. Binnen dit ecosysteem spelen marktpartijen een belangrijke rol: Charge Point Operators (CPO’s) installeren en beheren de laadpunten, terwijl Mobility Service Providers (MSP’s) de diensten richting gebruikers verzorgen, zoals laadpassen, apps en betaaloplossingen. Tegelijkertijd zijn de verdeling van verantwoordelijkheden tussen overheden en knelpunten rond netcapaciteit, vergunningverlening en markttoegang vaak doorslaggevend voor het tempo en de haalbaarheid van de uitrol.
In dit artikel wordt uiteengezet welke factoren de uitrol kunnen versnellen of juist vertragen, hoe de keten en verantwoordelijkheden zijn georganiseerd en welke routes kunnen bijdragen aan een snellere uitrol van laadinfrastructuur.
Dit artikel werd gepubliceerd in het Nederlands Tijdschrift voor Energierecht.